Steeds meer werknemers werken tijdelijk vanuit het buitenland, bijvoorbeeld vanuit een ander EU-land of zelfs vanuit derde landen. Veel bedrijven bieden tegenwoordig zogenaamde workations aan. Om te voorkomen dat mobiel werken vanuit het buitenland juridische of fiscale risico’s met zich meebrengt, is het van belang dat werkgevers en werknemers de belangrijkste regels tijdig kennen en de nodige voorbereidingen treffen.
Tijdelijk verblijf in het buitenland: vakantie + werk = ?
De term workation is een samenvoeging van de Engelse woorden work en vacation. Hiermee wordt bedoeld dat iemand tijdelijk werkt vanaf een locatie die normaal gesproken als vakantiebestemming wordt gebruikt. Hoewel workation geen juridische term is, verschilt dit fenomeen doorgaans zowel van een klassieke detachering (zie hieronder) als van permanent of regelmatig thuiswerken vanuit het buitenland door grensarbeiders (zie bijvoorbeeld de GIP-informatiepagina: Wonen in Nederland, werken in Duitsland – werken in meerdere staten).
Omdat binnen de EU het vrije verkeer van werknemers geldt, hebben EU-burgers doorgaans geen extra verblijfsvergunning of werkvergunning nodig, mits zij beschikken over voldoende middelen van bestaan (voor onderdanen van derde landen gelden andere regels). Vooral op het gebied van ziektekostenverzekering, sociale zekerheid en belastingen moet echter met specifieke aandachtspunten rekening worden gehouden.
Het informatieaanbod van de GrensInfoPunten (GIP) richt zich op de grensregio met Nederland en beperkt zich daarom tot juridische situaties binnen de Europese Unie (EU). De onderstaande informatie laat workation-verblijven buiten de EU daarom buiten beschouwing.
1. Sociale zekerheid bij werken in het buitenland – welke regels gelden binnen de EU?
Welk land is bevoegd?
Binnen de EU geldt Verordening (EG) nr. 883/2004 inzake de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels. In principe kan een persoon slechts in één lidstaat sociaal verzekerd zijn (anders dan bij belastingplicht).
Om te waarborgen dat werknemers tijdens een workation sociaal verzekerd blijven in het land waar zij normaal gesproken werkzaam zijn, moet per situatie worden beoordeeld onder welke voorwaarden dit mogelijk is. Daarbij speelt onder meer de duur van het verblijf in het buitenland een belangrijke rol. Hiervoor dient de werkgever een A1-verklaring aan te vragen.
De bevoegde nationale instanties bieden hierover praktische informatie op de volgende websites:
- Aanvraag van een A1-verklaring (elektronische procedure) via de informatiepagina van de Duitse Verbindingsinstantie Buitenland (DVKA) van de wettelijke ziektekostenverzekeraars (GKV-Spitzenverband).
- Aanvraag van een A1-verklaring via de website van de Nederlandse Sociale Verzekeringsbank (SVB).
- Aanvraag van een A1-verklaring via het onlineportaal ‘Sociale Zekerheid’ van de Belgische Openbare Instellingen van Sociale Zekerheid (OISZ), de Programmatorische Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie (POD MI) en de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid.
Detachering
Een workation wordt doorgaans beschouwd als een vorm van detachering. Voor detacheringen binnen de EU gelden daarnaast de Europese detacheringsrichtlijnen. Bij een tijdelijke tewerkstelling van maximaal 24 maanden blijft de sociale verzekering vaak van kracht in het land waar de werknemer gewoon werkzaam is.
Werkgevers moeten echter ook nagaan in hoeverre er meldings- of aangifteplichten bestaan ten aanzien van het land waar de werknemer tijdelijk verblijft. Voor meer informatie kan het online informatieportaal Your Europe van de Europese Commissie worden geraadpleegd. Ook de GIP-informatiepagina Wonen in Nederland, werken in Duitsland – Detachering biedt nuttige aanvullende informatie.
Daarnaast wordt aanbevolen om gebruik te maken van de Europese ziekteverzekeringskaart (EHIC/EKVK). Deze kaart geeft toegang tot medisch noodzakelijke zorg tijdens een tijdelijk verblijf in een ander EU-land. Meer informatie is beschikbaar op de betreffende informatiepagina van de Europese Commissie.
2. Belastingrecht bij een workation – belastingverdragen binnen de EU
In principe heeft het woonland het recht om belasting te heffen over het wereldinkomen van een belastingplichtige. Omdat de werkzaamheden tijdens een workation echter in het buitenland worden verricht, kan ook het land waar de werkzaamheden feitelijk worden uitgevoerd een heffingsrecht verkrijgen.
Tussen de meeste EU-lidstaten bestaan belastingverdragen. Deze bepalen vaak dat de belastingheffing in het thuisland blijft plaatsvinden (let op voor grensarbeiders – hierover verderop meer), zolang de zogenoemde 183-dagenregel niet wordt overschreden.
Belastingheffing door twee landen bij verblijven van meer dan een half jaar, en soms ook bij kortere verblijven
Wanneer een werknemer meer dan 183 dagen binnen een periode van twaalf maanden in een ander land verblijft, kan het werkland belasting gaan heffen over het arbeidsinkomen. Afhankelijk van het toepasselijke belastingverdrag kunnen echter ook bij kortere verblijven fiscale verplichtingen ontstaan, bijvoorbeeld wanneer de werkgever in het werkland een vaste inrichting heeft of wanneer bepaalde andere voorwaarden vervuld zijn.
De 183-dagenregel houdt in dat iemand die minder dan 183 dagen in het buitenland werkt, doorgaans uitsluitend belasting betaalt in het woonland – mits dit tevens het land van de hoofdtewerkstelling is. Dit geldt echter alleen wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan.
Werkt men langer in het buitenland, of wordt het salaris betaald door een werkgever in het tijdelijke werkland, dan kan ook dat werkland belasting heffen. In dat geval kan sprake zijn van zogenoemde salary splitting. Voor het betreffende belastingjaar heft de woonstaat dan belasting over het deel van het arbeidsinkomen dat betrekking heeft op werkzaamheden die in het woonland zijn verricht, terwijl het tijdelijke werkland belasting heft over het deel van het arbeidsinkomen dat betrekking heeft op werkzaamheden die daar zijn uitgevoerd.
Voor grensarbeiders met plannen voor een workation in een derde land – dat zijn vereenvoudigd gezegd personen die in het ene land wonen en in een buurland werken – kunnen zelfs meerdere bilaterale belastingverdragen van toepassing zijn. Enerzijds geldt dan het belastingverdrag ter voorkoming van dubbele belasting tussen het woonland en het land van de hoofdtewerkstelling, en anderzijds het belastingverdrag tussen het woonland en het tijdelijke werkland voor de duur van de workation.
Meer informatie en contactpunten
De volgende overheidsinstanties bieden een overzicht van de internationale belastingverdragen die door hun land zijn afgesloten:
- Informatiepagina van het Duitse Federale Ministerie van Financiën.
- Informatiepagina van de Nederlandse Belastingdienst.
- Informatiepagina van de Belgische Federale Overheidsdienst Financiën.
Afhankelijk van het bestemmingsland en de duur van het geplande verblijf in het buitenland is het raadzaam om vooraf na te gaan welke fiscale gevolgen een workation kan hebben.
Voor vragen over specifieke situaties kunt u terecht bij de volgende instanties:
- Het bevoegde belastingkantoor (Finanzamt) van uw woonplaats in Duitsland.
- Voor Nederland: BelastingTelefoon Buitenland: (+31) (0) 55 53 85 385.
- Voor België: Belintax: (+32) (0) 25 76 34 70.
3. Nationaal arbeidsrecht:
De risico’s op een vaste inrichting of toepasselijk buitenlands arbeidsrecht zijn bij kortdurende workations doorgaans beperkt, maar moeten bij langere of structurele werkzaamheden in het buitenland wel worden beoordeeld, ook al biedt Your Europe hiervoor een algemeen kader.