Buitengewoon verlof

Wie in Duitsland werkt, heeft onder bepaalde voorwaarden recht op buitengewoon verlof met behoud van loon (bezahlte Freistellung). Dit recht is vastgelegd in § 616 van het Duitse Burgerlijk Wetboek (Bürgerliches Gesetzbuch – BGB) en geldt ongeacht het woonland, dus ook voor personen die in België wonen en in Duitsland werken.

§ 616 BGB is van toepassing wanneer een werknemer buiten zijn of haar schuld om gedurende een korte periode niet kan werken. Deze bepaling geldt alleen als de werknemer niet al op een andere wettelijke grond recht heeft op betaald verlof, bijvoorbeeld een specifieke uitkering bij ziekte van een kind.

De wet zelf specificeert niet exact in welke situaties recht bestaat op buitengewoon verlof. Werkgevers mogen de toepassingsgevallen daarom beperken of zelfs volledig uitsluiten. Het is daarom belangrijk om altijd de bepalingen in de arbeidsovereenkomst en/of de Duitse cao (Tarifvertrag) te raadplegen.

Situaties waarin vaak recht bestaat op buitengewoon verlof

In de praktijk kan onder meer recht bestaan op buitengewoon verlof in de volgende situaties:

  • De bevalling van de echtgenote of partner
    (betwist: de bevalling van een ongehuwde partner)
  • De gouden huwelijksverjaardag van de ouders
  • Andere familiegebeurtenissen waarbij de aanwezigheid van de werknemer absoluut noodzakelijk is
    (bijvoorbeeld huwelijken, doopfeesten of andere religieuze vieringen; dit wordt per individueel geval beoordeeld)
  • Zorg voor naaste familieleden, zoals:
    • echtgenoot of partner
    • kinderen
    • broers en zussen
    • ouders
      (grootouders vallen hier niet onder)
      Meer informatie hierover is beschikbaar in deze brochure van het Duitse Ministerie voor Familie (Bundesministerium für Familie, Senioren, Frauen und Jugend).
  • Bezoek aan de dokter zonder ziekmelding, voor zover dit bezoek niet buiten werktijd kan plaatsvinden
  • Het uitoefenen van een onbezoldigd openbaar ambt, bijvoorbeeld als lekenrechter
  • Het vervullen van publieke verplichtingen, zoals een oproep als getuige voor de rechtbank
  • Verhuizing, maar alleen onder zeer strikte voorwaarden
    (bijvoorbeeld wanneer er zwaarwegende bedrijfsmatige redenen zijn of wanneer verhuizen in de vrije tijd onmogelijk is)

De duur van het buitengewoon verlof bedraagt meestal één tot twee dagen. Duitse cao’s (Tarifverträge) bevatten vaak meer gedetailleerde regels. Deze zijn echter alleen bindend wanneer:

  • de cao algemeen verbindend is verklaard, of
  • zowel de werknemer als de werkgever is aangesloten bij de betreffende cao‑partij.

Andere wettelijke verlofrechten

Naast het recht op buitengewoon verlof op grond van § 616 BGB bestaan er in Duitsland nog andere wettelijke aanspraken op verlof, bijvoorbeeld:

  • Vrije tijd om een nieuwe baan te zoeken op grond van § 629 BGB, en om zich in te schrijven bij het arbeidsbureau op grond van § 38 SGB III
  • Verlof voor leden van de ondernemingsraad op grond van § 37 e.v. BetrVG
  • Verlof voor stagiairs in het kader van een beroepsopleiding volgens § 15 BBiG
  • Verlof voor leden van de vrijwillige brandweer
    (geregeld in de wetgeving van de betreffende Duitse deelstaten)

Geen recht op buitengewoon verlof

Er bestaat geen recht op buitengewoon verlof wanneer de werknemer door externe of objectieve omstandigheden niet op het werk kan verschijnen, zoals:

  • files
  • uitval van het openbaar vervoer
  • overstromingen
  • gladheid of ijzige wegen

In deze situaties kan de werkgever de werknemer wel vrijstellen van werk zonder loonbetaling, of verlangen dat voor de betreffende periode regulier verlof wordt opgenomen.

Hier vindt u GrensInfoPunten
in de buurt