Vakantiegeld
Werknemers hebben recht op enkel en dubbel vakantiegeld. Tijdens het opnemen van het wettelijke jaarlijkse verlof ontvangt de werknemer het enkel vakantiegeld, dus de doorbetaling van zijn loon. Voor het dubbel vakantiegeld wordt echter nog steeds een duidelijk onderscheid gemaakt tussen het statuut van arbeider en bediende.
Arbeiders ontvangen hun vakantiegeld via de vakantiekassen van hun sector. Dit bedraagt 15,38%, berekend op 108% van het brutoloon van het voorafgaande jaar (na aftrek van belasting en sociale bijdragen).
Bedienden krijgen hun dubbel vakantiegeld rechtstreeks van de werkgever, op basis van 92% van het maandloon.
Opbouw van vakantierechten
Belgische werknemers bouwen in jaar N (het referentiejaar) hun vakantierechten op voor jaar N+1 (het vakantiejaar).
De duur van het vakantiegerechtigd verlof is evenredig aan het aantal gewerkte dagen in de loop van het referentiejaar, inclusief daarmee gelijkgestelde dagen zoals ziekte, moederschapsverlof, arbeidsongeval, enz.
Wanneer een werknemer het volledige referentiejaar gewerkt heeft, heeft hij in het vakantiejaar wettelijk recht op:
- 20 vakantiedagen bij een 5-dagenweek
- 24 vakantiedagen bij een 6-dagenweek
Europese vakantie
Voor werknemers die vóór hun tewerkstelling in België in Duitsland hebben gewerkt, bestaat bovendien de mogelijkheid van de zogenaamde “Europese vakantie” (aanvullend verlof).
Wanneer u vóór uw indiensttreding in België niet werkte, of in het buitenland werkte – bijvoorbeeld in Duitsland – heeft u vóór het einde van het referentiejaar geen recht op gewone Belgische vakantiedagen.
Wanneer u in de loop van het jaar uw arbeidsduur verhoogt, heeft u evenmin recht op het volledige aantal (4 weken) gewone vakantiedagen.
Dit wordt gecompenseerd via het systeem van aanvullend verlof, waarbij u recht heeft op extra vakantiedagen om dit tekort aan te vullen. Het gaat hierbij om een recht, niet om een verplichting.
Het aanvullende vakantiegeld
Het aanvullende vakantiegeld dat u ontvangt wanneer u aanvullende vakantie opneemt, moet worden beschouwd als een voorschot op het dubbele vakantiegeld van het volgende jaar. Dit aanvullende vakantiegeld wordt door uw werkgever uitbetaald op het moment dat u uw aanvullende vakantie neemt.
Vakantie nemen
a { text-decoration: none; color: #464feb; } tr th, tr td { border: 1px solid #e6e6e6; } tr th { background-color: #f5f5f5; }
Het vakantieverlof wordt in België vastgelegd door één van de volgende instanties:
- De paritaire commissie (PC) van de betrokken beroepssector
- De ondernemingsraad
- De vakbondsafvaardiging, in overleg met de werkgever
- Maar meestal gebeurt dit via een individuele overeenkomst tussen werkgever en werknemer
U kunt uw vakantiedagen zowel per uur als per dag opnemen. U heeft recht op minstens twee opeenvolgende weken vakantie per jaar. Daarnaast worden vaak collectieve verlofdagen vastgelegd, bijvoorbeeld de vrijdag na Hemelvaart. In dat geval bent u verplicht om die dag als vakantiedag op te nemen.
Overdracht naar volgende jaar
U mag vakantie-uren naar het volgende jaar overdragen, maar vaak geldt er een beperking. De afspraken die voor u van toepassing zijn, vindt u terug in de paritaire comités (PC’s), in het arbeidsreglement en in uw arbeidsovereenkomst.
Ziekte tijdens vakantie
In het Belgische arbeidsrecht geldt het principe van voorrang van de eerste werkonderbreking.
Wanneer een werknemer vóór de aanvang van zijn vakantie ziek wordt, krijgt de werkonderbreking door ziekte voorrang. De vakantiedagen die samenvallen met de ziektedagen kunnen dus later opnieuw worden opgenomen.
Tot voor kort gold echter een andere regel wanneer een werknemer tijdens zijn vakantie ziek werd: dan kreeg de vakantie voorrang en gingen de vakantiedagen dus verloren.
Vanaf het vakantiejaar 2024 verandert dit systeem. Een werknemer die bijvoorbeeld door ziekte bepaalde vakantiedagen niet heeft kunnen opnemen, kan die vakantiedagen nu tot maximaal 24 maanden overdragen. Deze overdracht is voor de werkgever verplicht.
Resterende vakantie bij beëindiging arbeidsovereenkomst
a { text-decoration: none; color: #464feb; } tr th, tr td { border: 1px solid #e6e6e6; } tr th { background-color: #f5f5f5; }
Wanneer uw arbeidsovereenkomst in België eindigt, moeten de resterende vakantiedagen ofwel vóór het einde van het dienstverband opgenomen zijn, ofwel moet de werkgever bij de eindafrekening het nog openstaande vakantiegeld uitbetalen.
In dat geval moet de werkgever ook het reeds opgebouwde dubbele vakantiegeld aan de werknemer uitbetalen. Dit wordt het uitdiensttredingsvakantiegeld genoemd.
Wettelijke feestdagen in België
a {
text-decoration: none;
color: #464feb;
}
tr th, tr td {
border: 1px solid #e6e6e6;
}
tr th {
background-color: #f5f5f5;
}
Naast het jaarlijkse vakantieverlof hebben werknemers recht op in totaal 10 wettelijke feestdagen. Het gaat om:
- 1 januari (Nieuwjaar)
- Paasmaandag
- Onze-Lieve-Heer-Hemelvaart
- Pinkstermaandag
- 1 mei (Dag van de Arbeid)
- 21 juli (Nationale Feestdag)
- 15 augustus (Maria-Hemelvaart)
- 1 november (Allerheiligen)
- 11 november (Wapenstilstand)
- 25 december (Kerstmis)
Valt een wettelijke feestdag in het weekend, dan moet er een andere werkdag als compensatiedag worden toegekend. De Belgische werknemer heeft dus recht op minstens 20 vakantiedagen én 10 feestdagen bij een 5‑dagenweek.
Collectieve arbeidsovereenkomsten (cao’s) kunnen gunstigere regelingen voorzien — bijvoorbeeld wanneer volgens de bevoegde paritaire commissie de zaterdag als werkvrije dag geldt.